• Lukas

DE CAMPINE


IEDERE WEEK ZETTEN WE EEN KIPPENRAS IN DE KIJKER!




DEZE WEEK HEBBEN WE HET OVER DE CAMPINE OFTEWEL KEMPISCH HOEN!

De Campine is een erkend en geliefd kippenras dat wereldwijd te vinden is, van Groot-Brittanië en Ierland tot Canada, de VS en Zuid-Afrika. In België kwam dit ras tot voor kort niet meer voor. Nochtans liggen de wortels van de Campine in de regio Kempen. Deze kip is een rechtstreekse afstammeling van het uitgestorven Kempisch hoen Zo’n 80 jaar geleden overleed het laatste exemplaar in onze contreien. Gelukkig waren er een aantal kippen in het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten terechtgekomen en daar overleefde het ras wel., De Campine is niet volledig identiek aan het Kempisch Hoen van weleer, maar is er wel duidelijk de erfgenaam van. In 2013 besloot een enthousiaste liefhebber om het ras opnieuw te introduceren in de Kempen. Hij liet een aantal bevruchte eieren uit Engeland overkomen en selecteerde bij het kweken op de kenmerken van de historische kip. Zo ontstond het ‘moderne’ Kempisch Hoen.




- de staart van de Brakel is meer gespreid, deze van de Kempische meer gesloten en smaller

- het Kempische hoen had een fijnere en mooiere peltekening waarbij de verhouding zwart tov wit nog groter was.

Wat belangrijker was dan die verschillen was het feit dat de twee rassen zo nauw verbonden waren door een gemeenschappelijke oorsprong dat ze nauwelijks van elkaar te onderscheiden waren.


Het vroegere Kempisch Hoen kwam eeuwenlang voor in de huidige provincies Antwerpen (BE), Noord-Brabant (NL) en de noordelijke helften van beide Limburgen. Het had een uitstekende reputatie als leghoen en stond bovendien bekend om haar verfijnde vlees dat zelfs aan wild deed denken. De chauvinistische Fransen plaatsten haar trouwens op hetzelfde niveau als hun Poule de Bresse, niet slecht voor een Kempisch kieken. Deze kwaliteiten leidden tot een groeiende interesse in Engeland, waar het ras zelfs de prestigieuze titel ‘The Everyday Layer’ kreeg. Heel wat Belgische kwekers verkochten hun hennen in grote getale aan buitenlandse kopers. De Engelsen zetten het ras naar hun hand door er nog wat Brakelbloed aan toe te

voegen en noemden deze variant de ‘English Campine’.